Kleurslagen & Mutaties

 

Nieuw(s):

Bij de kleine grasparkiet is er sinds 2015 wat veranderd in de naam. Deze is gewijzigd van kleine grasparkiet naar kleurgrasparkiet. Ook zijn er al een aantal kleurbenamingen veranderd, zie hieronder het lijstje.

 

Dit wordt stapje voor stapje doorgevoerd om zo te streven naar een volledige naamgeving die gelijk is aan de overige parkieten en papegaaien.

Bijv. de volgende stap zou kunnen zijn;

De par-blue mutanten, waar bij de parkieten de aqua en turquoise onder vallen en die bij de grasparkieten bekend zijn onder de verschillende geelmaskers en de Texas Clearbody wordt bij andere parkieten pallid genoemd.

 

De MVK's - Minder Voorkomende Kleurslag (Mutatie) van de kleurgrasparkieten zijn:

- Clearbody's

- Fallow

- Lacewing

- Zwartoog

- Kuif

- Witvleugel (blankvleugel)

- Grijsvleugel

- Overgoten

- Hollands Bont

- Recessief Bont

- Saddleback

- Australisch geelmasker

- Geelmasker Ino

- Misty

- Faded

- Slate

- Grijs

- Mauve

- Grijsgroen

- Olijfgroen

- Antraciet

 

En alle overige nieuwe mutaties.

Tevens alle combinaties met bovengenoemde kleurslagen.

 

Er zijn verschillende soorten vererving bij de grasparkieten, zie hier onder beschreven.

 

De grasparkiet heeft als basis 2 kleuren, nl;

 

Geel  (vererft Dominant)

Wit    (vererft Recessief)

 

De gele basis wordt groen en de witte basis wordt blauw.

 

En dan zijn er verschillende factoren die zorgen voor de intensiteit van de kleur:

 

Geen donkerfactor = Lichtgroen of Hemelsblauw (dd)

Één donkerfactor = Donkergroen of Kobalt (Dd)

Twee donkerfactoren = Olijfgroen of Mauve (DD)

 

Verervingsmogelijkheden met de donker factor:

 

Combinaties:

Te verwachten jongen:

dd

X Dd

50% dd

50% Dd

Dd

X dd                       

50% Dd

50% Dd

DD

X DD

50% DD

50% DD

DD   

X Dd

50% DD

50% Dd

Dd

X Dd

25% DD

25% dd

50% Dd

dd

X dd

50% dd           

50% dd

 

Beschrijving van de kleuren

 

Groen:

Groen is de wildkleur, maar inmiddels zijn er al meerdere varianten groen. Groene vogels hebben altijd een geel masker.

Groen vererft dominant, maar veel groene vogels zijn split voor blauw. Sommige kwekers proberen nog fokzuivere groene wildkleuren te kweken. Zonder split voor blauw er in.

- Lichtgroen (geen donkerfactoren)

- Donkergroen (één donkerfactor)

Hieronder een aantal kleuren/mutaties in de groenserie.

Speciale dank aan Henk van der Meer voor het gebruik van zijn mooie posters.
 

Blauw:

Blauw is als tweede kleur het meest voorkomend en ook in meerdere varianten. Ook blauw komt voor met een wit of een geelmasker.

Blauw vererft recessief.

- Hemelsblauw (geen donkerfactor)

- Kobalt Blauw (één donkerfactor)

- Mauve (twee donkerfactoren)

Het hemelsblauw vererft zich in veel verschillende kleuren blauw. Van heel licht tot vrij donker. Afhankelijk van de bijkomende mutaties.

Hieronder een aantal kleuren/mutaties in de blauwserie.

 

    Hemelsblauw (blauw)              Kobalt (D blauw)                   Violet

 

Dan is er nog de grijsfactor die in de blauwserie grijs is en in de groenserie groengrijs wordt, deze factor vererft Dominant.

Verder is er ook nog de kleur Violet, deze kan elke parkiet bij zich dragen maar is alleen zichtbaar in combinatie met kobalt of andere donkere factoren.

 

Beschrijving van de vererving:

 

Dominante vererving:

De volgende kleuren en mutaties vererven dominant en kunnen enkel- en dubbelfactorig worden vererfd.

 

EF = Enkelfactorig

DF = Dubbelfactorig

N = Normaal

 

- Dominant Bont

- Spangle

- Grijsfactor

- Violetfactor

- Geelmasker

- Clearflight

- Donkeroogige Clear

- Mottle

- Antraciet

- Easley Clearbody

- Kuifparkieten

 

Onderstaande beschrijving klopt voor alle dominante kleurslagen en mutaties. Dus op de plek van bont kun je bijvoorbeeld ook spangle neerzetten. Dominant bont uit twee dominante ouders is een DF. Dominant Bont is geschikt om tegen normale vogels te zetten zoals Opaline en Cinnamon. 

DF x DF geeft vaak ontbrekende spots, lichtere vleugelkleur en geeft 75% bonte nakomelingen. Bijv. een DF spangle heeft geen spangle tekening meer.

Combinaties:

Te verwachten jongen:

Dominant Bont (EF)

Normaal

50% Dominant Bont

50% Normaal

Dominant Bont (DF)

Normaal

50% Dominant Bont

50% Dominant Bont

Dominant Bont (EF)

Dominant Bont (EF)

25% Dominant Bont (DF) 25% Normaal

50% Dominant Bont (EF)

Dominant Bont (EF)

Dominant Bont (DF)

50% Dominant Bont (EF)

50% Dominant Bont (DF)

Dominant Bont (DF)

Dominant Bont (DF)

50% Dominant Bont (DF)

50% Dominant Bont (DF)

 

  

Recessieve Vererving:

De volgende mutaties vererven recessief. 

- Blauwfactor

- Recessief Bont

- Grijsvleugel

- Overgoten

- Fallow

- Zwartogen

- Saddleback

- Blackface

 

Een recessieve kleur blijft verborgen tenzij beide ouders de erfelijke eigenschap bezitten. Groene vogels met blauwfactor noemen we groen, split blauw. We schrijven dan groen/blauw. Met het /-teken bedoelen we dat de vogel split is. De kleur voor het /-teken is de zichtbare kleur.

Uit een paring: groen x blauw komen 100% groen/blauw vogels. Paar je deze splits aan elkaar dan hebben we 25% groenen, 50% groen/blauw en 25 % blauw.

Uit een paring groen/blauw x blauw verwachten we 50% blauw en 50% groen/blauw.  De kleur blauw kan in het verhaal vervangen worden voor een andere recessieve kleurslag of mutatie.

Hier een tabel met als voorbeeld Recessief Bont. Het rec. Bont kan in de tabel worden vervangen voor een andere recessieve kleurslag/mutatie.

Paringen:

Te verwachten jongen:

Rec. Bont

Rec. Bont

50% Rec. Bont

50% Rec. Bont

Rec. Bont

Normaal

50% Normaal/Rec. Bont

50% Normaal/Rec. Bont

Rec. Bont

Normaal/Rec. Bont

25% Rec. Bont

25% Normaal/Rec. Bont

25% Rec. Bont

25% Normaal/Rec. Bont

Normaal/Rec. Bont

Normaal/Rec. Bont

25% Rec. Bont

25% Normaal

50% Normaal/rec. Bont

Normaal/Rec. Bont

Normaal

50% Normaal/Rec. Bont

50% Normaal

 

 

Geslachtsgebonden vererving:

De volgende mutaties vererven geslachtsgeboden.

- Lutino

- Albino

- Opaline

- Cinnamon

- Lacewing

- Ino

- Texas Clearbody

- Slate of Leiblauw

De vererving van de geslachtsgebonden factor bevindt zich op het X-chromosoom. Een man bezit 2 X-chromosomen en een pop, 1 X- en 1 Y-chromosoom. Omdat de man 2 X-chromosomen heeft zal hij 1 X doorgeven, de pop zal  1 X of 1 Y doorgeven. Een man toont de geslachtsgebonden factor pas als hij op beide X-chromosomen de factor heeft.  Is de factor op 1 chromosoom aanwezig dan spreek je van een splitfactor.  Omdat de pop maar 1 X-chromosoom bezit heeft zij aan één geslachtsgebonden factor genoeg om deze te tonen en zal daarom nooit split kunnen zijn voor een geslachtsgebonden factor.

Ook hier kun je, in de onderstaande tabel, Lutino vervangen voor een andere geslachtsgebonden mutatie.

Combinaties:

Te verwachten jongen:

 

 

 

 

Lutino

X Normaal

50% normaal split Lutino

50% Lutino

Lutino

X Lutino

50% Lutino

50% Lutino

Normaal split Lutino   

X Normaal

25% Normaal split Lutino

25% Normaal

25% Lutino

25% Normaal

Normaal Split Lutino

X Lutino

25% Lutino

25% Normaal split Lutino

25% Lutino

25% Normaal

Normaal

X Lutino

50% Normaal split Lutino

50% Normaal

 

 

Hieronder zijn een aantal  kleurslagen/mutaties en/of combinaties van mutaties beschreven;


Violet:

(Paars): Violet komt voor, met zowel een witmasker, als een geelmasker. Violet vererft dominant maar is vaak niet zichtbaar. Alleen in combinatie met Kobalt en Mauve wordt violet goed zichtbaar. In combinatie met Groen is Violet ook vaak (heel vaag) zichtbaar.

 

Grijs:

Deze kleur komt ook weer voor zowel in wit- als in geel maskers.

De grijsfactor vererft in de blauwserie grijs en in de groenserie grijsgroen. Deze factor vererft dominant.

De grijze mutatie komt voor zonder donkere factor maar ook met 1 of donkere factoren. Ook kan deze mutatie Enkelfactorig en Dubbelfactorige vererven. Hetzelfde geldt ook voor de grijsgroene variant.

Verder komt grijs in alle andere mutaties voor.

 

Mauve:

De mauve komt ook voor in witmasker en in geelmasker.  De wangvlekken zijn Violet. De kleur van het lichaam is grijsblauw met een lichte violette kleur erdoor. De lange staartveren zijn donkerblauw en donkerder dan bij de kobaltblauwe. De tekening is zwart.  De mauve heeft 2 donkere factoren.  Ook komt de mauve voor in diverse mutaties, zoals in bont, spangle, opaline enz.

 

Albino:

Albino's zijn wit met rode ogen. Goed gekweekte albino's zijn vrij van blauwe of grijze gloed en zijn echt sneeuwwit.

Een albino komt uit de blauwserie, het blauw is gemaskeerd.

Albino's zet je het beste tegen grijze of Opaline vogels, om geen blauwe of groene waas te krijgen.

De neusdop bij de mannen zijn rose en bij de poppen wit tot donkerbruin.

 

Lutino en Lutino Geelmasker (Ino):

De lutino is een felgele parkiet met rode ogen, de Ino is een lichtgele, bijna witte parkiet met geelmasker en wordt ook wel Cream Ino genoemd. Beide vererven recessief.

Beide komen uit de groenserie waarbij het groen wordt gemaskeerd.

Albino x Lutino: Bij een pure Lutino, die geen split is voor blauw, zullen alleen gele jongen geboren worden, deze zijn split voor Albino (Albino is recessief ten opzichte van Lutino)

De wangvlekken bij de Lutino zijn wit, de vleugel en staartpennen kunnen soms wat lichter van kleur zijn. De neusdop bij de mannen zijn rose en bij de poppen wit tot donkerbruin.

 

Cinnamon:

De grijze/zwarte tekening op de vleugel is bruin. Is wat lastiger te kweken door de geslachtsgebonden vererving. Cinnamons worden geboren met rode ogen, die bij het open gaan robijnrood zijn en na een paar dagen donker worden. Alleen de Lacewing is een Cinnamon variatie met rode ogen. Cinnamon vervaagt de lichaamskleur.

Cinnamon vererft dus geslachtsgebonden. De man kan dubbel- of enkelfactorig zijn. Bij enkelfactorig is de man split en niet zichtbaar Cinnamon. Poppen kunnen niet split zijn voor Cinnamon.

 

Opaline:

Opaline vererft geslachtsgebonden. De kleur van de borst/rug komt terug in de vleugel. Opaline komt voor in alle kleuren en ook in combinatie met Bont, Cinnamon, Spangle enz.

 

Slate of Leiblauw:

De leiblauwe grasparkiet ontstond vermoedelijk in 1935, maar er zijn ook bronnen die 1943 als geboortejaar van deze kleurmutatie vermelden. Het is een grijsachtig blauwe grasparkiet.

 

Spangle (Gezoomd):

Deze mutatie onstond in begin 70-er jaren in Australie.

De grasparkiet heeft lichte vleugels met een gezoomd randje. Dit komt voor in alle bij de grasparkiet voorkomende kleuren, maar ook in combinatie met Opaline, Bont en Cinnamon.

Gele vogels met zwarte ogen zijn dubbelfactorige Spangles. Even als witte vogels met zwarte ogen. Bij deze mutatie komt het Spangle-gen van beide kanten en valt de tekening weg. Deze lijken op de gele en witte zwartogen, het verschil is dat de DF-Spangle een irisring heeft en de zwartoog niet. Ook zie je bij de DF-Spangle vaak nog een vage kleur op de borst. Bij geel is deze gloed groen, bij de witte is deze blauw of violet.

Doordat Spangle dominant vererft, kan een niet Spangle-uitziende vogel geen split zijn voor Spangle. 

 

Dominant Bont :

Bont zie je in alle kleurslagen en ook in vele varianten, zoals gecombineerd met Opaline, Spangle en Cinnamon.

Bont vererft dominant. Zet je twee Dominant Bonte vogels tegen elkaar, dan zal vaak het vlekkenpatroon minder worden. Maar je krijgt wel 75% bonte nakomelingen. Deze bonte nakomelingen zijn Dubbelfactorige Bont. Een bonte nakomeling van één bonte ouder is Enkelfactorig Bont.
 

Recessief Bont:

Vaak zie je hier alle kleuren van de regenboog, vaak is de bonttekening vlekkerig. Deze variant heeft geen irisringen maar grote zwarte ogen. Het vererft Recessief. Zowel mannen als poppen kunnen split zijn voor bont. Het wordt ook wel Deens Bont of Harlekijn genoemd.

Vaak zie je dat ze rond de cloaca een vlek hebben. Iets wat je bij dominant bont niet vaak ziet. De neusdop is bij poppen normaal en bij mannen meestal roze/paars en vaak met een blauwe vlek er in.

 

Hieronder twee dominant bonte mutaties; de australische en de hollandse.

 

 Regenboog: 

De regenboog is een mooie combinatie van mutaties en kleurslagen.

Een regenboog bestaat uit blauw (kan in alle kleurtinten blauw), opaline, geelmasker (liefst type 2) en witvleugel.

Soms kom je in deze kleurencombinatie ook wel eens spangle tegen maar dan mag je het geen regenboog noemen want een " echte" regenboog heeft absoluut geen spangle.

 

Lacewing (ino cinnamon)

De Lacewing is een geheel witte (blauwserie) of gele (groenserie) parkiet met Cinnamon (bruine) tekening. Verder hebben ze rode ogen net als de Ino-varianten. Ze vererven recessief waardoor je ze niet zo vaak ziet. Door Ino's met Cinnamons aan te paren krijg je in de 2e generatie kans op Lacewings.

De gele Lacewing is geheel geel, de tekening is lichtbruin. De wangvlekken zijn erg lichtblauw grijs van kleur. De keelstippen zijn ook lichtbruin. Mannen hebben een roze neusdop en de poppen een pop heeft een witte tot bruine neusdop. De witte Lacewing is eigenlijk hetzelfde als de gele. Het geel is dan wit. Jonge lacewings hebben vaak niet de Cinnamon tekening deze komt langzaam aan na de jeugdrui.

 

Texas Clearbody:

Clearbody's hebben een vervaagde lichaamskleur, de buik is bij blauwe en grijze parkieten bijna wit en bij groene parkieten bijna geel. Vaak is alleen bij de stuit nog iets van de kleur zichtbaar, de vleugelpunten zijn grijs. De Clearbody komt in alle kleuren voor.

Je hebt twee soorten:

· Texas Clearbody         = Geslachtsgebonden vererving

·  Easley Clearbody        = Dominante vererving

De Texas Clearbody vererft met een normale partner, of een Clearbody partner, geslachtsgebonden.

Paar je de Clearbody aan met Ino's of Lacewings, dan vererft dit anders.

 

Grijsvleugel:

Deze vogels hebben geen zwarte tekening op de vleugels, maar een grijze tekening. Grijsvleugel vererft recessief.

Blankvleugel:

 

Full Body Color Greywing:

De mutatie kom je ook vaak tegen, de Full Body Greywing, het is een combinatie van Clearwing (Blankvleugel) x Grijsvleugel. Soms zijn de verschillen erg klein ook omdat de ene Blankvleugel donkerder is dan de andere mede door de donkerfactoren. Er zijn 3 dingen waar je op kunt letten; de spots, staart en lichaamskleur. Deze 3 zijn altijd donkerder bij een Full Body Greywing dan bij de Blankvleugel. Hieronder als voorbeeld een Blankvleugel en een FBG in dezelfde kleurslag. Zo kan je goed de verschillen zien.

 

Many thanks to Charlotte Kongerslev from Denmark for the beautiful pictures!

 

 

Fallow:

Duitse Fallows hebben vaak een Cinnamon of koffiekleurige tekening, rode ogen met zichtbare irisring en zijn er in de kleuren groen of blauw. Groene vogels zijn hoofdzakelijk geel en de blauwe hoofdzakelijk wit, omdat tweederde van de lichaamskleur weg is. Ze vererven autosomaal recessief.

Dan is er nog de Engelse Fallow, deze heeft geen irisring en meer pruimkleurige ogen.

Duitse Fallow x Engelse Fallow aanparen heeft geen zin, daar hier geen Fallows van komen. 

 

Zwartoog:

Zwartogen zijn geheel wit of geheel gele parkieten met zwarte ogen zonder irisring.

 

Coal Face /Black Face

Dit zijn grasparkieten met zwarte markeringen op het hoofd en de borst. Het vererft recessief.  Zowel poppen als mannen kunnen split zijn voor Blackface.

Dan heb je nog de coalface, deze heeft alleen de tekening op het hoofd en deze is minder strak dan bij de blackface. Coalface zie je in combinatie met Opaline. Ook mist de tekening op de borst.

 

Antraciet

Deze Antraciet grasparkiet is ondekt in 1998. De grasparkiet heeft een grijszwarte kleur en heeft zwarte keelstippen en blauwzwarte wangvlekken. Het blijkt dat deze mutatie autosomaal vererft en een onvolledig dominante kenmerkvorming heeft.

 

Misty

De misty is een autosomaal verervende mutatie met een dominante kenmerkvorming en kan derhalve zowel EF als DF aanwezig zijn. De misty-factor veroorzaakt een gedeeltelijke reductie van het zwarte eumelanine in de bevedering. Bij de EF misty is de reductie van het melanine slechts zeer beperkt dus dan is het kleurverschil tussen een EF misty groen (lichtgroen) en normaal groen (lichtgroen) heel weinig, hetzelfde geldt voor de blauwserie. De DF misty groen en DF misty blauw zijn echter wel duidelijk van de normale kleurslag grasparkieten groen en blauw te onderscheiden.

 

Pearly

De pearly lijkt heel sterk op de ino, maar over de bevedering zit een hele duidelijk zichtbare parelmoerglans. De parelmoerglans wordt veroorzaakt door een pigment, wat de "gewone" ino niet heeft. Het is een nieuw zeldzaam allele van de SL ino. Deze mutatie is in de USA toevallig ondekt door een parkietenliefhebster, die dit grasparkietje in een winkel zag zitten. Ze heeft er inmiddels al meerdere van gekweekt. Volgens mijn weten zijn ze nog niet in Europa.

 

Darkwing

De darkwing komt alleen in combinatie voor met overgoten (dilute). Een darkwing is dus een overgoten (dilute) grasparkiet in combinatie met de darkwingfactor die weer zorgt voor veel donkerder vleugels en dus de overgoten weer in de richting van de wildvorm gaat. Deze verschijningsvorm komt naar mijn weten ook nog niet in Europa voor, alleen in Australië.

 

Cleartail

Deze mutatie is in 1991 voor het eerst in Australië ontdekt. In Denemarken verscheen er een jaar later ook een. De cleartail- mutanten worden allemaal geboren uit verparingen met spangle. De cleartail moet dan ook als een variëteit van de spangle beschouwd worden en is net als spangle incompleet dominant. 

 

 

 

Als laatste nog iets over het geelmasker;

Geelmasker:

Het geelmasker is standaard bij de groene parkieten. Maar komt ook voor bij de blauwe, grijze en violette parkieten.

De vererving van de geelmasker is niet erg makkelijk uit te leggen. We beginnen met blauw. Een blauwe parkiet kan nooit split zijn voor groen. Groen kan wel split zijn voor blauw. Een groene grasparkiet heeft twee hoofdkleuren blauw en geel. Valt het geel weg dan krijg je een blauwe grasparkiet. De groene grasparkiet kan kanssplit zijn voor geelmasker maar niet Dubbelfactorige want dan was de parkiet blauw geweest.

Zo kan je een geelmasker blauwe parkiet zien als een groene parkiet  waarbij de mogelijkheid om geel pigment te produceren onderdrukt wordt.

De omvang van het onderdrukken en daarmee de hoeveelheid aan blauwe veren hangt  af van de geelmasker mutatie en of deze enkel of Dubbelfactorige is.

Je hebt 3 verschillende geelmasker mutaties:

- Europees Geelmasker 1

- Europees Geelmasker 2

- Australische Geelmasker

Het Europese geelmasker en de Australische geelmasker lijken veel op elkaar. Alle 3 de varianten kunnen dubbel en enkelfactorig vererven.

Type 1: na de jeugdrui hebben deze parkieten een geelmasker en geel in de staartveren. Paar je type 1 tegen type 1 dan krijg je dubbelfactorige  geelmaskers. Deze kunnen witte maskers hebben en het geel hiermee verbergen. Op deze manier kan een aangekochte vogel je enorm verassen tijdens de kweek.

Type 2: na de rui zie je al gauw dat het geel van het masker zich verspreid over het lichaam, na elke rui zie je dit meer. Zo kan het zelfs zijn dat een jonge vogel die blauw geboren wordt na enkele ruien geheel groen is. Bij de dubbelfactorige geelmasker is het geel vaak alleen in het masker zichtbaar en in de staartveren. het masker is hierbij goudgelig en fel.

Australische geelmasker: Hier is het geel in het masker intensiever. Bij enkelfactorige geelmasker verspreidt zich het geel over het gehele lichaam en na elke rui worden de blauwe vogels groener. Bij sommige zie je de kleur van oorsprong onder de vleugel bestaan. Grijze geelmaskers worden grijsgroen. Bij de dubbelfactorige zie je een geelmasker en geel in de staartveren.